Op weg naar de kunst

Bestel hier onze: Gids naar Nederlandse musea Op weg naar de kunst

bespreekt de eigen collectie van musea in Nederland en elders.

‘s Heerenberg, Kasteel Huis Bergh

Kasteel Huis Bergh
Hoe bizonder is het niet als iemand zijn collectie aan de gemeenschap nalaat? Toch is dit een aantal keer gebeurd: het echtpaar Kröller Müller gaf een museum met collectie aan de Nederlandse staat, een ander goed, recent, voorbeeld is Voorlinden in Wassenaar. Het Kasteel Huis Bergh in ‘s Heerenberg, in de Achterhoek is een kasteel en collectie dat zijn stichter Jan Herman van Heek (1873-1957) ons heeft cadeau gedaan. Hij kocht het enigszins vervallen gebouw in 1912 en woonde er met zijn gezin. Van Heek was ook de eerste directeur van het Rijksmuseum Twenthe dat zijn broer wilde oprichten. Beiden werden geëngageerd kunstverzamelaars. Lang wisten slechts kenners Huis Bergh te vinden, ondanks de jarenlange hulp en aandacht van Henk van Os, de voormalige directeur van het Rijksmuseum.

Van Os kwam bijna 55 jaar geleden voor het eerst op het kasteel, als medewerker van professor Gerson uit Groningen. Ze waren van plan de “Vroege Siënese schilderkunst in Nederlands bezit” door studenten te laten onderzoeken. Van Os is de collectie altijd trouw gebleven en publiceert met enige regelmaat over delen uit de verzameling.

Twee verhalen
Het is een kasteel met twee verhalen, het verhaal van het oude kasteel en zijn bewoners en het verhaal dat begint met de aankoop in 1912 door de textielondernemer Jan Herman van Heek en zijn kunstverzameling. Hij maakte graag pentekeningen, een paar worden tentoongesteld.
’s-Heerenberg ligt in de Gelderse Achterhoek, net ten noorden van Lobith. Er was hier al in de tiende eeuw een nederzetting met een waterlinie en houten staketsels. Sinds de twaalfde eeuw staat er een kasteel dat inmiddels door uitbreidingen, aanpassingen en twee grote branden behoorlijk is veranderd.

Trappenhuis

Het gebouw was eeuwenlang in het bezit van de machtige familie Van den Bergh, Gelderse edellieden met bezittingen in Vlaanderen en Duitsland en connecties aan het Habsburgse hof. Uiteindelijk kwam het door vererving in de achttiende eeuw bij de vorstenfamilie Hohenzollern die het behoorlijk verwaarloosden. In het grote trappenhuis hangen schilderijen van vroegere bewoners. Van Heek vond toevallig een rol in de oude toren.

Jan Herman van Heek
In 1912 kocht de textielfabrikant Jan Herman van Heek uit Enschede het kasteel met de bijbehorende bezittingen. Hij is de broer van Jan Barend van Heek wiens collectie de basis vormt van het Rijksmuseum Twenthe in Enschede. Door het vroege overlijden van zijn broer werd Jan Herman de eerste directeur. Zie ons verhaal over het Rijksmuseum Twenthe. Van Heek kocht het vervallen gebouw om er zijn eigen kunstverzameling onder te brengen.

Dr. Jan Herman van Heek, Alexis Vollon, 1937

In eerste instantie liet hij Huis Bergh het in de stijl uit de zeventiende-eeuw renoveren, de tijd dat het nog een robuust, maar elegant aanzien had. In maart 1939 ging bij een krachtige noordwesterwind het hoofdgebouw in vlammen op. Zoals de lokale krant schreef ‘het brandspuitje van het kasteel maakte daarbij uiteraard een wat zielige indruk’. Veel kunst werd door het personeel en de plaatselijke bevolking gered. Van het gebouw bleef de voorgevel slechts min of meer staan.


15 maart 1939

Energiek begon Van Heek aan de herbouw. Het kasteel werd in nauwelijks drie jaar hersteld. Het merendeel van de meubels, banken, kisten, dressoirs, eettafels en stoelen, is zoals Van Heek het noemde, gewone ‘boeren gebruikskunst.’ (En werd ook door de familie gebruikt.)


Voorhal

Collectie-opbouw
Vanuit de verte is het Kasteel Huis Bergh een robuust gebouw. Van dichtbij zie je interessante details, zoals de letters als ankers in de muur geslagen, beginnend met HGZDB (Herman Graf Zu Dem Berg). Herman was de zoon van de meeste markante kasteelheer Willem IV (1537-1586). Hij trouwde met Maria van Nassau, een zuster van Willem de Zwijger. Ze kregen zestien kinderen, maar hij was niet echt loyaal aan zijn schoonfamilie. Sterker nog, hij keerde zich tegen zijn zwager, de prins van Oranje, en koos partij voor het Spaans gezag. Uit de talloze keren dat hij in krijgsuitrusting werd geschilderd, blijkt hoe belangrijk hij was. Zelfs Antony Van Dijck schilderde hem, het schilderij hangt in het Prado te Madrid.
Hier is alleen nog het portret van zijn jongste zoon, graaf Hendrik Van den Bergh. Die bracht het tot opperbevelhebber van het Spaanse leger in de Nederlanden. Otto van Veen, de leermeester van Rubens, heeft het geschilderd. Hendrik staat, waarschijnlijk op ware grootte, in een kostbaar harnas. De opvallende rode sjerp toont zijn verbondenheid met de Habsburgers en Spanje.


Graaf Hendrik Van den Bergh, (1573-1638) Otto van Veen, omstreeks 1620.

In het tussenportaaltje hangt het portret een prachtig jong meisje. Ze lijkt wel wat op Elisabeth I van Engeland. Ze heeft de jeugdige en onschuldige uitstraling van een kind. Haar naam is Maria Elisabeth Clara Van den Bergh. Ze leefde van 1610 tot 1633. Op dit portret, mogelijk geschilderd door Cornelis Vos uit de school van Rubens, draagt ze dure kleding met de typische molensteenkraag.


Maria Elisabeth Clara van den Bergh, Cornelis Vos toegeschreven, 1625.

Ze groeide op in Brussel aan het hof van Isabella van Oostenrijk. Het schilderij werd gemaakt toen ze vijftien was en met haar volle neef Albert trouwde. Dat was al drie maanden na haar geboorte afgesproken. Acht jaar later sterft ze in het kraambed. Ze kreeg vijf doodgeboren kinderen.

Portrettengalerij
De twee portretten zaten in de rol die Van Heek vond in de oude toren. Maar hij vond nog meer portretten vooral van Habsburgers, of aan hen gerelateerde personen, zoals Philips IV van Spanje, zijn eerste vrouw Isabella van Bourbon en zijn tweede vrouw Maria Anna van Oostenrijk (afgebeeld in nonnengewaad als weduwe). Misschien zijn deze schilderijen weliswaar afkomstig uit het atelier van Rubens, maar werden niet door hem geschilderd. Het was gebruikelijk dat vorstenportretten werden gekopieerd om aan bevriende relaties cadeau te geven. (De originele Philips IV en Isabella door Rubens hangen in de Hermitage in Sint Petersburg. )


Detail, Philips IV, kopie naar Rubens

 

Detail, Isabella de Bourbon, kopie naar Rubens

Van Heek was gefascineerd door wat hij “het ontwaken van de individu” noemde. Door al deze portretten van goede kwaliteit, verzamelde hij meer portretten uit de vijftiende en zestiende eeuw. Aan de omloop van het kasteel hangen onder andere: Karel de Stoute, Maximiliaan van Oostenrijk, Philips De Schone, keizer Karel V, Isabella van Portugal en Maria van Hongarije.
Het  formaat van de schilderijen varieert. Er zijn twee hele kleine portretjes van Karel V en zijn echtgenote Isabella van Portugal, verkleinde kopieën die Karels zuster, Margaretha van Oostenrijk, liet maken door haar hofschilder Jos Vermeyen.


Karel V en Isabella van Portugal, naar Jan Vermeyen, jaartal onbekend.


Isabella van Portugal, naar Jan Vermeyen, jaartal onbekend. Het portretje is niet groter dan een hand.

Geloof en Middeleeuwen
Een opmerkelijk schilderij is de knielende Karmeliet: achter hem staat nog gedeeltelijk zichtbare zijn patroonheilige. Dit paneel was ooit deel van een Brussels altaarstuk. Het was oorspronkelijk niet alleen hoger, maar zeker ook dikker: de achterkant is er namelijk afgezaagd. Van Heek had geen belangstelling voor de andere kant, mogelijk geschilderd door de bekende Zuid Nederlandse schilder Barend van Orley. Hij wilde alleen de devote priester.


Een Karmeliet met een patroonheilige, onbekende Brusselse schilder, ca 1520-25.

In een brief, door Jos Koeweij in het archief gevonden stelde hij de kunsthandelaar voor het dikke paneel doormidden te zagen. Dan wilde Van Heek het wel voor een zacht prijsje kopen,: ‘If you cut the panel of the Van Orley picture’. Van Heek schrijft elders dat het doorzagen in Parijs ‘geen gemakkelijke operatie’ was, overigens zonder iets over zijn rol te vertellen.
De Karmeliet werd door de devotie en de verstilde soberheid die het uitstraalt, een van Van Heeks dierbaarste schilderijen. Kunst als intermediair met het hogere, als voorbeeld zoals de Karmeliet, maar ook intiem zoals bij een hele kleine ivoren Christus geboorte. Een tabletjes, een vlak stukje ivoor, dat je wegsteekt in een tasje, of zak, dat vlak bij je is en waar je op de achterkant een aantekening kon maken. (Alleen de rijken natuurlijk, want slechts die konden lezen en schrijven.) Het is intiem Maria met haar gebakerde kindje Jezus. Zo’n afbeelding gaf houvast, daar ging het om: dit kindje was de Messias.


Geboorte Jezus, anoniem. N.Frankrijk, of Parijs, einde 14e eeuw.

Jan Herman van Heek verzamelde voor Kasteel Huis Bergh tot aan zijn dood in 1957. Hij vond steun, troost en kracht in het katholieke geloof en door de bijpassende kunstwerken uit de middeleeuwen. Niet voor niets schrijft hij in de inleiding van zijn boek Wat het Huis Bergh in zich houdt (uitgekomen na zijn dood in 1961) dat in de middeleeuwen ‘geloof in God en de leer van Christus de bezielende krachten zijn geweest’ tegenover het heden met zijn geloof in de techniek ‘waaraan het gevaar is verbonden, dat de mens ten onrechte meent zelf de scheppende en dirigerende kracht in onze wereld te zijn.’

Belangrijke Handschriften
Hij verzamelde veel kunst uit de gotiek, die tijd was vooral in de Zuidelijke Nederlanden een economische en culturele bloeiperiode. De grote kathedralen werden gebouwd en in alle zijkapellen kwamen altaren met schilderijen en beelden. In de kerken waren kostbare tapijten, prachtig versierde banken, kandelaars en glas in lood ramen. Tegelijkertijd kregen de vorsten en rijke stedelingen ook belangstelling voor de kunsten.
De collectie heeft een mooie selectie beelden, schilderijen, handgeschreven boeken met miniaturen en de eerste gedrukte boeken, ook wel wiegedrukken of incunabelen genoemd. Ze komen uit Italië, Vlaanderen, Duitsland en Gelderland. Die handschriften collectie is van wereldklasse. Ze liggen tegenwoordig in een eigen kleine zaal en elders in mooie vitrines bij het Vlaamse koorhek. Het zijn grote boeken met sierlijk genoteerde Gregoriaanse gezangen, of kleine gebedenboeken met prachtige miniaturen waarin scenes uit het leven van heiligen, of Christus. Allemaal met de hand versierd en soms geschreven, of met losse letters gezet.


Bladzijden met Gregoriaanse gezangen, uit Italië Emilia Romagna, eerste kwart 15e-eeuw.]

 


Gebedenboek met smeekbeden in het latijn tot de heiligen Michael, links, Johannes de Doper en Petrus en Paulus, rechter pagina, Gent, laatste kwart 15e eeuw.

Beelden
Het viel me op dat de groep van Anna te drieën, Anna met haar dochter Maria en haar kindje Jezus vaak voorkomt in de verzameling. Dit drietal zie je niet vaak meer samen. Het is een bekend onderwerp uit de kerkelijke kunst tot de vijftiende eeuw: Maria zit bij Anna, haar moeder, op schoot, de kleine Jezus zit weer bij Maria op schoot, of op Anna’s andere knie. Anna is de oermoeder, Daarna, in de zestiende eeuw en later, staat Maria vaak als jonge vrouw naast haar moeder. LET OP, dit is een van de speciale zaken uit het katholieke geloof: Anna was door directe tussenkomst van god zwanger geraakt en daardoor bracht ze Maria ‘onbevlekt’ ter wereld.


Anna te Drieën, Meester van het Doxaal, Lübeck, ca 1420. Het valt op dat Jezus in dit beeld zelfs groter is (dus belangrijker) dan zijn moeder.


Anna te Drieën, uit de omgeving van de Vlaamse schilder Quinten Metsijs, begin 16e eeuw. Hier zien we dat Maria een jonge vrouw is en gelijkwaardig aan haar moeder Anna.

Van Heek kocht een bizondere notenhouten Maria uit het begin van de dertiende eeuw. Maria geeft het kind de borst, ik heb dat als beeld nog niet zo vaak gezien, wel als schilderij. Hier zit een serene voedende moeder.


Detail: Madonna met kind, maker anoniem, begin 13e-eeuw, Noord Frankrijk

Ook elders in het kasteel hangen of staan beelden uit dezelfde periode, met veel werk uit het Rijnland. In 1919 verwierf Van Heek een groot deel van zijn collectie in één aankoop uit de nalatenschap van de Duitse beeldhouwer Friedrich Mengelberg. Deze woonde en werkte in Utrecht en was een verwoed verzamelaar van middeleeuwse beeldhouwkunst.


M, het initiaal van Mengelberg, geeft tegenwoordig op zaal aan dat dit stuk uit diens voormalige collectie komt.

Uit die collectie zijn verschillende beelden bij de brand van 1939 verloren gegaan. Deze aankoop is de basis van de Van Heek collectie. Er is niet alleen een boek over gemaakt, maar ook een apart zaaltje over ingericht. Werken uit de collectie Mengelberg krijgen op zaal extra aandacht doordat diens gouden M, bij de kunstwerken is aangebracht. Hoewel Van Heek dacht de slag van zijn leven te hebben geslagen, wordt de verzameling Mengelberg tegenwoordig gedeeltelijk als studiecollectie beschouwd. Dat wil zeggen dat die niet meer zijn te zien.

Schilderkunst uit Noord- en Zuid-Europa
Onlangs verscheen Nieuwe avonturen met een collectie, een interessante bundel over het bezit van Huis Bergh met bijdragen van allerlei specialisten. Henk Van Os geeft een mooie inkijk in de geschiedenis van de vroege Italiaanse kunst in Nederlands bezit. Die liep van minimale aandacht tot tegenwoordig museale presentaties, onder andere hier in Kasteel Bergh, maar ook in het Bonnefanten in Maastricht.
Een  van de grote vooroorlogse verzamelaars van vroege Italiaanse kunst was Otto Lanz, een joodse chirurg uit Amsterdam. Van Os wijst in zijn verhaal op hun vriendschap en de adviezen die Van Heek van Lanz kreeg. In de oorlog werd de weduwe van Lanz door de Duitse bezetter gedwongen de collectie “te verkopen”. Ik schrijf het bewust tussen aanhalingstekens want het Joods bezit werd in die tijd voor een schijntje overgenomen.
Jammer dat Van Os dit niet noemt. Wellicht beschouwt hij het als een bekend feit, omdat hij hier al eerder over publiceerde? Na de oorlog kwam een deel van de voormalige collectie Lanz, zoals gebruikelijk bij kunst die uit Duitsland terugkwam,  terecht bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Het Bonnefanten in Maastricht heeft een aantal schilderijen in bruikleen. Na de oorlog is een deel geveild. In de grote Antoniuszaal van Huis Bergh hangt uit de Lanz collectie zo’n geveild werk: De Kroning van Maria door Bernardino Fungai, ca 1430. Het werd door de gemeente Nijmegen gekocht en hangt hier door een bruikleen van het Valkhof.

In de Italiaanse kamer zijn ruim twintig op schilderijen op paneel van vroege (14e en 15e-eeuws) Italiaanse meesters. De collectie van Heek was, na het opbreken van de verzamelingen van Lanz en Goudstikker in de oorlog, de grootste privé collectie vroege Italiaanse Middeleeuwse kunst in Nederland.


Maria, Jezus, Johannes de Doper & Johannes de Evangelist, drieluik, Bicci di Lorenzo, ca 1405-1410, Florence.

Het grote verschil tussen de middeleeuwse en latere schilderkunst is het realisme. In principe zit er slechts een langzame ontwikkeling in de sjablonen, vaste plaatjes,  waarmee de kerkelijke werkelijkheid wordt weergegeven. (Wereldse onderwerpen bestonden bijna niet.) In de Noord-Europese kunst ontstond langzaam maar zeker emotie in deze religieuze cliché’s: Christus aan het kruis heeft een van pijn vertrokken gezicht, het verdriet van Maria, Johannes en Magdalena wordt authentiek. In Zuid Europa hield men veel langer vast aan de iconen traditie waar de heiligen en figuren uit de Bijbel geen eigen gevoelens krijgen. Daar blijven ze sjablonen.
In Italië is de band met de Byzantijnse kunst via Venetië lange tijd de belangrijkste stroming. Traditioneel gaan we ervan uit dat tot ver in de dertiende eeuw in het zuiden deze lijn een belangrijker rol speelt dan in het noorden, in Vlaanderen en Duitsland. Toch verandert er langzamerhand ook iets in de Italiaanse kunst en dat is in deze kamer te zien. De grote Florentijnse schilder Giotto, 1267-1337, brengt daar als eerste verandering in door ruimte rondom en aan zijn heilige figuren te geven. Ze staan niet langer frontaal aan de grond genageld. Zijn tijdgenoot Duccio, 1260 – 1329, verwerkt de nieuwigheid van Giotto in zijn altaarstukken. Dat is goed te zien in de Engel van Duccio (1310), een klein paneeltje uit een enorm altaarstuk, de Maestà, uit de kathedraal van Siena.


Engel, Ducio, ca 1310.

Op een fotoreconstructie van Duccio’s altaar kun je de vermoedelijke plaats van deze Engel aan de bovenrand zien en daarmee de onderlinge verhouding tussen de Engel en de veel grotere taferelen uit het leven van Christus en zijn moeder Maria. Misschien lijkt het tegenwoordig een redelijk knullig geschilderde engel. Nog kort geleden was het ondenkbaar om schaduw, dus ruimte / volume bij figuren uit de Bijbel aan te brengen. Zo werd deze Engel in die tijd een wonder van realiteit!


Detail Engel, Duccio, ca. 1310

Bekijk de plooien in de mantel van de engel en vooral ook de ruimte tussen de handen en zijn lijf. Denk aan de platheid van de figuren in de handschriften elders in de collectie en zie hoe groot de stap is die Duccio en zijn tijdgenoten dankzij Giotto konden maken.

Noordelijke Nederlanden
Het is mooi dat je in dit museum ook schilderijen uit de noordelijke traditie kunt zien. Ze komen uit de omgeving van Jeroen Bosch, Lucas Cranach, Joos van Cleve en Polack. Van de laatste had ik nog nooit gehoord. Er zit een prachtig groot schilderij van hem in de collectie: De herkenning van het Ware Kruis door Keizerin Helena uit 1486.
Het is er een drukte van belang: Keizerin Helena vindt in Jeruzalem het enige ware kruis waaraan Christus is gekruisigd. Judas, de wat donkere man aan de linkerkant van het schilderij, heeft haar de plek gewezen. Het bewijs dat dit het goede kruis is, wordt er direct bij geleverd want de dode in zijn witte lijkwade, is weer tot leven gekomen! Uit de verte komen de zieken, zwakken en invaliden al aan om ook door dit wonder te worden genezen.


De herkenning van het Ware Kruis door Keizerin Helena, Jan Polack, 1486


Detail uit De herkenning van het Ware Kruis door Keizerin Helena, Jan Polack, 1486


Detail uit De herkenning van het Ware Kruis door Keizerin Helena, Jan Polack, 1486

Tijdens de corona tijd is Huis Bergh hier en daar nieuw ingericht, details veranderden. (Als je al het verplaatsten van een oud koorhek van de ene naar de andere kant van een zaal, een detail kunt noemen.) Voor wie eerder kwam, is het leuk te merken dat er nog steeds over de verzameling wordt nagedacht en verbeteringen mogelijk zijn. Voor wie voor het eerst gaat, geniet en laat je verleiden door bizondere kunst in deze bizondere omgeving.

PS
Wie vooruit denkt, bestelt bij de boekhandel reeds voor feestdagen en verjaardagen voor de leukste familieleden, de beste vrienden en de aardigste buren onze:
Gids naar Nederlandse musea, Op weg naar de kunst,
Auteurs: Micky Piller en Kristoffel Lieten; Uitgever Waanders in de Kunst.

Informatie en voorzieningen

Museum Kasteel Huis Bergh

Hof van Bergh 8, 7041 AC ‘s-Heerenberg

W:  Museum Kasteel Huis Bergh

T:  0314 661281

Open: mei t/m okt di tm zon, 12.30 – 16.30 uur,  altijd nakijken op de website, het verandert per seizoen

bereikbaarheid
OV opmerking niet doen met doen met de auto gaan
Parkeerplek goed aanwezig bij het kasteel
collectie informatie
folder goed
zaalteksten aanwezig in gelamineerd plastic, wat ouderwets
presentatie collectie mooi rustig
route informatie duidelijk
digitaal - app niet aanwezig
vriendelijkheid
suppoosten heel vriendelijk
winkel, er werden tips voor de omgeving gegeven
kinderactiviteiten
in het museum, enthousiaste rondleidingen op afspraak
geen eigen ruimte
museumwinkel
assortiment beperkt lokaal
kunstboeken vooral over eigen collectie
kinder-kunstboeken vooral doe boeken
grappige kleine cadeautjes
museumrestaurant
prijs/kwaliteit goed
menu lokaal en klassiek
wc
schoon
makkelijk te vinden

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.