Op weg naar de kunst

Bestel hier onze: Gids naar Nederlandse musea Op weg naar de kunst

bespreekt de eigen collectie van musea in Nederland en elders.

Middelburg, Zeeuws Museum

Oude Zeeuwen, Nieuwe Zeeuwen en tijdelijke Zeeuwen
Het Zeeuws Museum ligt pal achter de grote kerk, de 86 meter hoge Lange Jan, in een voormalige middeleeuwse abdij in het centrum van de stad. Bij de kerk horen een mooie kruisgang en de herstelde kruidentuin van de Norbertijnen. Ooit was dit het middelpunt van een belangrijk verdedigingswerk: de Middel-Burcht (tussen de burchten van Domburg en Souburg), vandaar de naam. Na de onafhankelijkheid van Spanje vergaderden de Staten van Zeeland in een van de zalen van dit gebouw waar tegenwoordig het museum is. Hoewel het er allemaal oud en authentiek uitziet, is dit gedeeltelijk schijn. Na de Tweede Wereldoorlog waren er in Middelburg nog weinig onbeschadigde gebouwen, maar het centrum herrees uit de brokstukken. De Zeeuwse wapenspreuk Luctor et Emergo, ik worstel en kom boven, bleek al weer waar te zijn. Dit is het tweede stuk over het Zeeuws Museum, deel 1 staat elders onder Middelburg op de website. Daar wordt een aantal andere werken uitvoerig besproken.

Het museum heeft inmiddels een goede reputatie wat betreft het verrassend werken met lokale tradities. Een paar jaar geleden integreerden ze de collecties klederdracht, kunstnijverheid en beeldende kunst op een ongelofelijk aardige manier. Ze maakten thema tentoonstellingen over het jakje, uit de Zeeuwse dames klederdracht, houtbewerking en daarna kwamen traditionele Zeeuwse objecten uit het eigen depot aan bod. Sinds Oktober 2019 staat het Zeeuwse Pak centraal. Die wisselende tentoonstellingen behandelen iedere keer een aspect van de eigen collectie waar normaal gesproken niet veel aandacht voor is. Zo ontstaat, in de ene tentoonstelling wat beter dan de andere, het beeld dat in Zeeland folklore nog steeds leuk is.

Mannenpak
Inmiddels is in 2019 het mannenpak uit de klederdracht aan de beurt. Wat stel je je voor bij het Zeeuwse mannenpak? Ja, zwart en sober, want Zeeuws, en voor de leek niet echt opzienbarend. Klopt, dus des te aardiger dat het museum er een leuke tentoonstelling mee maakte. Ze vroegen onder andere de jonge fotograaf Ruben Abel grote foto’s voor de eerste zaal te maken. Het werd Faded, een serie van vier foto’s die hij aan de Zeeuwse kust bij Vlissingen schoot. Twee modellen, een man en een vrouw, staan in hun mannenpak in de branding? Als het de branding is, is er wel erg veel schuim en erg veel vervuiling in het Zeeuwse water dus? De grote foto zetten de hangertjes met pakken en de hoedjes in vitrines op een wat luchtiger spoor.


Zaaloverzicht 2019/2020 van Het mannenpak met de foto’s van Ruben Abel.

Voor de buitenstaander is het moeilijk het verschil te zien tussen de dracht van Walcheren, Schouwen Duiveland of Zuid Beveland. En ook na dit bezoek zal ik niet zo maar zeggen, hee dat pak komt van Walcheren. Wel is het een weg terug in de herinnering, hoe ‘Hollands” die mannen er bij liepen, keurig in onopvallend zwart maar van onverwoestbare en dure zwarte stoffen.


Historische foto’s.

Let op de klep, de ouderwetse gulp van de broek. Die werd op zon- en feestdagen gesloten met enorme ronde zilveren ornamenten. Het boordje van het overhemd, de kraag, kreeg zilveren knoopjes en ook werden dikke zilveren horlogekettingen met versieringen over de zwart gekleurde buik gedragen. Er hoorde natuurlijk een prachtig zakhorloge bij.


Horlogeketting, knopen en (rechtsonder) klepstukken.

We kunnen nog wel, elders in het museum, het verschil tussen een katholieke en een protestantse vrouwenmuts uit Zuid Beveland ontdekken. In onze huidige geseculariseerde wereld is het opmerkelijk dat een Zeeuwse kap een geloof kan hebben. Toen herkende men elkaars geloof ook door zo’n kledingstuk.


Een katholieke muts (links) en een protestantse muts (rechts) beide van kloskant, Zuid-Beveland, ca 1820.

Terzijde
Inmiddels is de prachtige korte film Stripshow 1850, van Paul en Menno de Nooijer, uit het museum en van de website verdwenen. Overigens net als die andere soms hilarische films, zoals het interview van een jonge Amsterdamse modeontwerper met een oudere Zeeuwse dame die hem zo nu en dan in verbijstering over zoveel gebrek aan mode kennis aankijkt. Dat is jammer, want dit zijn films die niet alleen de eigen collectiegeschiedenis levendig houden, maar ook voor de bezoeker van de huidige tentoonstellingen een mooi kader geeft.

Tijdelijke Zeeuwen en echte Zeeuwen
Zeeland was een rijke provincie. Dat zie je niet alleen aan de grote herenhuizen, de kerk en de abdij op weg naar het museum. Rond 1900 was het aanpalende Domburg een geliefd vakantiedoel bij vooral de Duitse adel. Het Zeeuwse licht en de lucht zijn bizonder en werden als gezond gevonden. De fysiotherapeut van de keizerin hield praktijk in het Badhotel en talloze gasten volgden. Door het Zeeuwse licht, en mogelijk ook door de rijke badgasten, trok ook Jan Toorop naar Domburg en in zijn kielzog een keur aan kunstenaars. Tot aan de Tweede Wereldoorlog bleef Walcheren geliefd doel voor een (werk-)vakantie.


Gebed voor de maaltijd, Jan Toorop, 1907.

Naast Jan en zijn dochter Charley Toorop, werkten hier voor een korte, of langere tijd Mondriaan, Jacoba van Heemskerck, Schelfhout, Van Rijsselberghe, Hart Nibbrig, Gestel en Henk Chabot. In de afdeling Dit is Zeeland hangt Jan Toorops mooie pointillistisch schilderij uit 1907 (Gebed voor de maaltijd) van boer Louwerse samen met zijn vrouw en dochter in Zeeuwse dracht. Er is zelfs een kleine expressionistische Mondriaan uit 1908: Blauwe Appelboom met golvende lijnen I.


Blauwe Appelboom met golvende lijnen I, Mondriaan, 1908

Zeeuwse schilder
De belangrijkste oude Zeeuwse schilder is Adriaen Coorte (1665-1707). Hij is beroemd geworden door zijn kleine stillevens. Hij schilderde ze op papier dat op een houten paneel was geplakt. Dat was een hele bijzondere manier van werken. Hier hangt een stilleven uit 1695 met rood fruit in een stenen bakje, asperges en wat kruisbessen. Er hangen wat bessen over het dikke tafelblad. Overigens is het in de 17e-eeuw niet interressant of alles wel tegelijkertijd rijp is. Een kunstenaar wil het mooiste dat God heeft gemaakt, laten zien. Hij werkt op basis van tekeningen, niet door de werkelijkheid na te schilderen. In deze combinaties toon laat je heerlijkheden van Gods schepping.
Door de technische perfecte manier van schilderen lijkt het een bedrieglijk eenvoudig schilderijtje. Een enkeling denkt wel eens dat het een foto is. Het is bizonder te zien hoe in verf het licht in een paar kruisbessen wordt getoond.


Stilleven met aardbeien en asperges, Adriaen Coorte, 1695, bruikleen uit een particuliere collectie

Dit is Zeeland
De tentoonstelling Dit is Zeeland op de derde verdieping eindigt met een klein zaaltje waar van alles te zien is over het Zeeland, van een vooroorlogse badjas en een paraplu tot enkele schilderijen met de beroemde schilderachtige dorpjes. Er hangt onder andere werk van ondermeer Jacoba van Heemskerk  en Ferdinand Hart Nibbrig.


Noordzee Residence, epsilon print, Jaap Scheeren, 2017 (links), Zicht op het Veerse Gat, Jan Heyse (boven) en Gezicht op Zoutelande, Hart Nibbrig, ca 1911 (onderaan rechts).

We genoten vooral van de lange video Land van verandering van Maaike Spiering & Mirka Duijn met prachtige beelden van interieurs, mooie kleine interviews en de toch wel onthutsende commentaar van een kleine 20 scholieren die na hun eindexamen allemaal aankondigen weg te gaan uit Zeeland, sommigen naar Wageningen maar niet om er een opleiding tot landbouwer te volgen.


Still uit “Land van verandering”, van Spiering en Duijn, uit 2013

Bij de aftiteling zien we vakantiegangers de Noordzee Résidence binnen rijden, een modern recreatiepark met levenloze rechte wegen en ‘schattige’ huisjes, identieke perkjes, overal een auto voor het huis en een konijn in een hansop die je, samen met een fris meisje met blonde paardenstaart, welkom heet. Neem een half uur de tijd de prachtige observaties van Spiering en Duijn te bekijken. Daarna begrijp je meer van Zeeland dan voorheen.

Zeeland van alle kanten
In de eerste zalen van de tentoonstelling Dit is Zeeland krijg je op een mooie manier inzicht in het belang van deze provincie en haar roemruchte verleden. Zeeland was een machtige provincie, rijk door de handel op Oost- en West-Indië. De leden van de verschillende organisaties bewaarden hun spullen goed en die werden vaak aan het Zeeuws Genootschap geschonken. Zo kwamen ze vervolgens in het museum. Daardoor zijn er hele bizondere voorwerpen te zien, zoals een klein stoeltje dat volledig is bedekt met zoutkristallen, of de prachtige vis van porselein met een glazuur van Famille Rose en goud. Dat kleine kunstwerk werd op het schip De Woestduijn in 1779 helemaal uit China naar Vlissingen gevaren waar het  op de rede te pletter liep. Ooit is de lading, waaronder deze prachtige vis, toch aan wal gekomen en via het Zeeuws Genootschap in het museum beland. Ik moest meteen aan de karper denken die ik ooit op het droge klapwiekend naar lucht zag happen.


Vis, Qing dynastie, porselein glazuur, collectie Zeeuws Genootschap

In een prachtig zaaltje met een rond gewelf staan voorwerpen en hangen portretten die vooral te maken hebben met de rijke geschiedenis van de Zeeuwse VOC en de West Indische Compagnie. Er staan een paar ‘portretbeeldjes’, kleine figuurtjes met buiten proportioneel grote hoofden van VOC officieren. Ze werden rond 1750 in China gemaakt. De portretjes  zijn zo levensecht dat ze waarschijnlijk goed gelijkend zijn.


Zaaloverzicht 2018

Het onlangs gerestaureerde schilderij dat Ferdinand Bol in 1667 van Michiel de Ruyter maakte valt meteen op. Niet alleen doordat de kleuren weer helder zijn, maar vooral ook door de enorme schitterende gouden lijst vol oorlogssymboliek. Op de website van het museum staat meer over de ontstaansgeschiedenis van het werk.


Michiel de Ruyter, Ferdinand Bol, 1667

De Tachtigjarige Oorlog werd in Zeeland gewonnen
Op de tweede verdieping hangen zes levensgrote wandtapijten die in opdracht van de Zeeuwse Staten tussen 1593 en 1604 werden gemaakt. De tapijten hingen toentertijd in de belangrijkste zaal van de Staten. Ze zijn een prachtige voorbeeld van loepzuivere propaganda. Hier wordt de belangrijke rol van Zeeland tijdens de Tachtigjarige Oorlog getoond met als insteek: zonder deze zeeslagen zou er geen onafhankelijk Nederland zijn geweest! Ze werden in de grote vergaderzaal van de Staten gebruikt, waar belangrijke gasten werden ontvangen, waaronder natuurlijk ook leden van de Staten uit de andere provincies.
Naast de propaganda waren de wandtapijten nodig om de kou en tocht tegen te houden. De enorme vergaderzaal werd indertijd alleen door een groot haardvuur verwarmd; de heren kregen er eventueel nog een stoof erbij.
De onderwerpen zijn vijf belangrijke zeeslagen die de Zeeuwen, samen met de geuzen, tegen de Spanjaarden voerden, zoals de zeeslagen bij Lillo (in de buurt van Antwerpen), Bergen op Zoom en voor Zierikzee. De strijd tussen de Spaanse en de Zeeuwse schepen is zo levendig weergegeven, dat je je ogen uitkijkt: gevechten van man tegen man, doden en gewonden, drenkelingen, kanongebulder, overvolle sloepen, gebroken masten, wind en golven, zelfs merkwaardige zee-beesten, niets blijft ons bespaard. Gelukkig is de zaal gerenoveerd en nu beter ingericht dan eerder. Je blijft er voor je plezier kijken.


Overzicht van de zaal met wandtapijten 2018


Detail uit het wandkleed met de Slag bij Rammekens, op 11- 14 juni 1572?


Detail uit het wandkleed met de Slag bij Rammekens, op 11- 14 juni 1572[/caption]


Detail uit het wandkleed met de Slag bij Rammekens, op 11- 14 juni 1572

De tapijten werden naar geschilderde voorbeelden geweven. Uit detail foto’s blijkt hoe technisch knap ze zijn gemaakt. Bij de golven is het schuim soms wat dikker uitgevoerd waardoor ze ook een klein beetje eigen schaduw krijgen. Een enkele keer wordt een van deze stukken uitgeleend, maar er is altijd een aantal van deze enorme tapijten te zien. De zaal geeft het gevoel in een spannend sprookje te staan.

Wonderkamers
Op de zolder heeft het Zeeuws Museum drie meer dan manshoge transportcontainers neergezet. De Wonderkamers zijn in 2019 nieuw ingericht. De nieuwe inrichting is mede een herdenking van het 250-jarige bestaan van het Koninklijk Zeeuws Genootschap, dat een belangrijk deel van de voorwerpen verzamelde. De buitenkant werd versierd door Pepijn van den Nieuwendijk.


Pepijn van den Nieuwendijks versiering van één van de Wonderkamers.

De oorspronkelijke Wunderkammers uit de 16e-eeuw en later, zijn in feite de eerste vorm van de huidige musea. Vorsten en later rijke burgers begonnen verzamelingen met kunstobjecten, maar ook met rariteiten en bizondere wetenschappelijke instrumenten, munten, stenen, kortom van alles om je over te verwonderen. Ze waren natuurlijk tegelijkertijd altijd een teken van de rijkdom van de bezitter, want al deze vreemde dingen kostten nogal wat. In speciale kunstkabinetten werden ze verzameld en liet men ze bewonderen.
In de huidige Wonderkamers van het Zeeuws Museum zien we 200 voorwerpen uit twee belangrijke afdelingen van de collectie van het Genootschap: kunst en wetenschap. Die zijn ondergebracht in 50 thema’s. Deze overvloed aan thema’s leidt tot de reactie: ‘eens even kijken wat ik hier leuk vindt.’ Althans bij mij kwam het daarop neer. Het museum slaagt zo in de opzet dat we ons verwonderen over de vele rare en aparte voorwerpen en daar blijft het dan ook bij. Verdieping is niet aan de orde.

NB
Dit is ons tweede verhaal over het Zeeuws Museum op de website, omdat er tussen ons eerste bezoek in maart 2016 en de herfst van 2019 veel veranderde. Wie meer over de collectie van het Zeeuws Museum wil weten, met foto’s en filmpjes vindt die in onze eerste bespreking. Daar staan ook de Voorzieningen:

Eerste verhaal over het Zeeuws Museum uit 2016

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.