Op weg naar de kunst

Bestel hier onze: Gids naar Nederlandse musea Op weg naar de kunst

bespreekt de eigen collectie van musea in Nederland en elders.

Utrecht, Museum Catharijneconvent

Heiligen te kust en te keur
Het is niet verwonderlijk dat in Utrecht het het Catharijneconvent, het nationale museum voor de geschiedenis van het christendom in Nederland, staat. Utrecht was altijd al een belangrijk religieus centrum. Niet alleen slaagde de stad er in tijdens de tachtig jarige oorlog lang katholiek te blijven, na het toestaan van de katholieke godsdienst in het midden van de 19e-eeuw is het uiteindelijk een aartsbisdom geworden. In de geschiedenis van de stad speelde het Catharijneconvent een belangrijke rol.

Er stond al in de 15de eeuw in het centrum van de stad een Karmelieten klooster. In de 16de eeuw namen de Johannieters (de orde van de Maltese hospitaalridders) het gebouw over. Zij brachten hun beschermheilige, de wijze Catharina van Alexandrië, mee. Haar beeld, gemaakt door de Meester van Elsloo, staat naast de trap bij de ingang van de museumzalen. Ze is herkenbaar doordat onder haar voeten het vertrapte lijf ligt van een Romeinse keizer die met haar wilde trouwen. Zij had haar maagdelijkheid aan God beloofd en werd door foltering om het leven gebracht.


Heilige Catharina van Alexandrië, Meester van Elsloo, ca 1500

De Johannieters hadden hier een ziekenhuis dat in werking blijft tot 1811. Vervolgens had het gebouw wisselende bestemmingen,  zelfs als opslag van de Wehrmacht tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1972 wordt complex het museum voor de geschiedenis van het christendom in Nederland. Na een volgende verbouwing en uitbreiding ontstaat in 1979 Rijksmuseum Het Catharijneconvent. Nu heet het gewoon Museum Catharijneconvent.

Op de eerste binnenplaats na het kleine deurtje staat een beeld van de Zwitserse constructivistische beeldhouwer Max Bill.


Raumkreuz aus 12 gleichen Teilen, Max Bill, 1986

Vreugde en verdriet
Het Catharijneconvent heeft een enorme collectie religieuze kunstwerken. Het is door een aantal ingrijpende verbouwingen een ingewikkeld gebouw geworden voor wie er de eerste keer komt. Een plattegrond is voor het overzicht wel handig. Kristoffel legt in het intro filmpje goed uit hoe het zit met het gebouw.
De eerste tentoonstellingszaal, de Catharinazaal, ligt in de kelder. Het is een vogelvlucht met oude en moderne religieuze voorwerpen  en beelden, zoals het kleine houten beeldje van een lieve Maria Lactans,  de voedende moeder Maria  en schilderijen van Geertgen tot Sint-Jans en Jacob van Oostzanen.
De Maria Lactans geeft het kind de borst, waaruit je kunt afleiden dat het nog voor de tweede helft van de zestiende eeuw is gemaakt. Want in het Concilie van Trente (1545-1563) werd besloten dat het niet gepast was om heiligen naakt uit te beelden. Dus moest de borst weg.


Maria Lactans, anoniem, Utrecht, eerste kwart 16e eeuw

Nu is ze nog die lieve mooie moeder die zorgzaam naar het kind op haar arm kijkt. We krijgen eigenlijk automatisch een  directe emotionele band met zo’n klein beeldje, wie heeft er nu niet van zijn vrouw of dochter met kind zo’n lieve foto gemaakt?


Detail Maria Lactans, anoniem, Utrecht, eerste kwart 16e eeuw

Maria staat op een maansikkel. In die tijd wist men meteen dat zo haar kuisheid werd getoond: zo zuiver als de maan. In een van de volgende zalen hangt aan het plafond in een houten stralen krans een enorme Maria met kind op de arm. Ook deze Maria staat met kind op een maansikkel. Vroeger hingen dit soort beelden vaak in het midden van de kerk, uit de koepel of toren, of boven het altaar en voor het koor.


Detail Maria Lactans, anoniem, Utrecht, eerste kwart 16e eeuw

Haar warmte en bezorgdheid staat in een schril contrast met de verlaten eenzame Christus op de Koude Steen uit dezelfde tijd. Daar zit een geheel naakte Jezus op een steen. Hij heeft zijn doornen kroon al op, waarin naast doornen ook spijkers zijn te zien!


Detail Christus op de Koude Steen, anoniem, Oost Nederland, ca 1510

In de 16e eeuw zag men onmiddellijk dat Jezus op weg is naar zijn kruisiging en uitrust op de weg naar de berg Golgotha. Dit is een van de apocriefe verhalen, vertellingen waarin de menselijkheid van de zoon van God wordt benadrukt. Deze tussenstop staat niet in de Bijbel, maar je kunt je voorstellen dat het zo is gegaan: moe ging hij op een steen zitten. Het beeld is net zo groot als een zittende mens en spreekt de kerkganger / toeschouwer daardoor direct aan. Het is overigens bizonder dat openlijk wordt getoond dat hij zelfs geen lendendoek om heeft en zijn geslacht met zijn hand moet beschermen: de ultieme vernedering. Meestal heeft hij een lendendoekje, het doekje waarmee zijn moeder (Maria), hem tijdens zijn tocht met het kruis, had opgefrist.

Christus op de Koude Steen, anoniem, Oost-Nederland, ca 1510

Er ligt een prachtig versierd Brevarium, gebedsboek, uit het einde van de vijftiende eeuw. Er liggen de traditionele voorwerpen uit de katholieke kerk, van een oude rozenkrans tot modern religieus vaatwerk. Er zijn schilderijen met heiligenlevens die aan stripverhalen laten denken. Dat komt niet alleen door de vormgeving  -veel kleine vakjes met verschillende voorstellingen-  maar ook omdat het er vrijwel geen perspectief in voorkomt. Deze eerste Catharina zaal laat mooi zien hoe in vroegere tijden in Nederland de godsdienst werd beleefd.

Ook protestantse kunst
Er is in deze eerste zaal niet alleen oude katholieke kunst, maar er hangt ook een groot schilderij van Hendrik Valkenburg, een goede impressionist uit het einde van de 19e-eeuw, met een typisch protestants tafereel. We zien in dit Stichtelijk uurtje in de Achterhoek uit 1883 een gel;ovige gemeente. De groep zit en staat tegenover de degene die bij hen thuis de Bijbellezing houdt. Ze luisteren allemaal aandachtig.
In tegenstelling tot de katholieken staat bij de protestanten de uitleg van de Bijbel, de tekstverklaring, centraal in hun godsdienst. Dit verklaart ook het grote aantal afsplitsingen, want wie die uitleg als de kern van het geloof beschouwt, kan het niet altijd eens te zijn met de anderen. Op dit schilderij zit de vader, of dorpsoudste, er met zijn familiebijbel bij. Ter controle op de zuiverheid van de leer?
Het is een degelijk schilderij. Het licht valt van achter  de predikant op de aandachtige luisteraars en zijn bijbel! Het gezelschap is in een huiselijke intimiteit aanwezig en volgt de tekst in kleine bijbeltjes. Door de ruitjes zien we nog een stukje van het erf met de bomen.


Stichtelijk uurtje in de Achterhoek, Hendrik Valkenburg, 1883

Valkenburg kreeg een gouden medaille voor dit schilderij bij de Wereldtentoonstelling van 1883 die in Amsterdam werd gehouden.  Bij dit grote schilderij liggen nog wat tekeningen die hij ter plekke maakte. Het is een mooi voorbeeld van de wat sentimentele kunst uit die tijd, of het nu treurende vissersvrouwen, zielige kinderen of aandachtige gelovigen in een boerderij uit de Achterhoek zijn.
Vlakbij staat een van de belangrijkste voorwerpen van de Nederlandse protestanten: de houten kist met inhoudsopgave waarin de originele vertalingen en het eerste exemplaar van de Statenbijbel uit 1637 in werden bewaard. Protestanten hielden dan wel niet van relieken, of beelden, maar deze kist heeft de tijd doorstaan en hoort inmiddels bij de Canon van Nederland.

Kist voor de originele stukken van de Statenvertaling, 1662

Schatgraven
Vanuit deze zaal loopt de onderdoorgang naar het oude klooster. Wij vonden het prettig eerst de Schatkamer te bezoeken. Het is een  intiem verlicht domein met kazuifels, kelken, monstransen en andere zilveren, gouden en ivoren voorwerpen: de pracht en praal van de katholieke kerk uit vroegere eeuwen. In de volledig verduisterde zaal staan de objecten in mooi uitgelichte vitrines, soms zelfs met kleine gaatjes in de bodem waardoor licht van de onderkant komt.
Ik ben toch altijd een beetje verbaasd over die verering van druppels bloed, haren, lichaamsvocht, nagels, botjes en andere summiere delen van ledematen. Maar het wordt prachtig verpakt door de beste ambachtslieden van dat moment en gaf de gelovige directe toegang tot martelaren en heiligen. Een voorbeeld is de Spaanse heilige Fransiscus Xaverius, die tot 1762 in Amersfoort een eigen kerk had. Boven in een van de monstransen wordt een heel klein stukje van zijn  arm bewaard;  de gebeeldhouwde arm met hand die ons lijkt toe te zwaaien richt daar de aandacht op.


Armreliekhouder van de heilige Fransiscus Xaverius, door Nicolaas Verhaer, Utrecht 1712

Geloven in beelden
Vooral de oudste beelden zijn bizonder expressief, zoals de bijna manshoge houten beeldengroep van Jezus in de hof van Getsemane. De groep is waarschijnlijk rond 1440 in Worms (Duitsland) gemaakt en stond waarschijnlijk in de Paastijd buiten op het plein voor de kerk. We zien Jezus de avond voor zijn kruisiging in de olijfboomgaard samen met zijn dan inmiddels slapende apostelen, onder andere Jacobus met het boek. Jezus heeft hen gewaarschuwd voor het komende verraad, niet alleen van Judas, maar ook voor de verloochening door één van hen. De anderen slapen. Hij twijfelt en is bang voor het offer dat van hem wordt gevraagd.

Jezus in De hof van Getsemane, anoniem, ca 1440

Zo werd het leven van Jezus en sommige heiligen levensecht gemaakt, met zulke levensgrote beelden in en buiten de kerk, met schilderijen in de vele kapellen en met de gekleurde glas-in-lood ramen waarin het leven van Christus was te zien. Centraal op het altaar hing altijd voor iedereen zichtbaar Jezus aan het kruis. De kerk was een plaatjesboek voor de ongeletterden waardoor het geloof kon worden begrepen. Het Catharijneconvent heeft een prachtige collectie van deze vaak ontroerende, soms huiveringwekkende, maar vaak ook prachtige kunstwerken.

Johannes onder het kruis, anoniem, Maasland, ca 1200

Maria, de moeder van Jezus, heeft dikwijls haar zoon als klein kind in haar armen, maar ook na diens kruisiging. Zij is dan de treurende moeder. Zij brengt een offer voor het geloof, in haar verdriet herkent men zich makkelijk in de barre tijden toen de dood als noodlot zoveel dichter bij de mensen stond. We zien haar verdriet samen met andere vrouwen, of in het driemanschap met Maria Magdalena en Johannes de Doper. Iedereen begreep dit, men kende de verhalen er omheen.

Detail uit de Bezwijmijning van Maria, anoniem Noord-Nederland, Utrecht, ca 1550

Het adagium van de middeleeuwer is memento mori (gedenk te sterven). Een godsvruchtig en godvrezend leven is gericht op het hiernamaals. De overledene die  zich keurig had gedragen, geen doodzonden had begaan, kreeg als beloning een plek naast Jezus en Maria. Wie rijk was, kon zich overigens wat makkelijker van een plaats in de hemel verzekeren door goede werken te doen en aflaten te kopen. Notabelen en rijke handelaren lieten kunstwerken voor kerken en kloosters maken of, nog beter, gingen kloosters stichten of ziekenhuizen bouwen. In de vroegste schilderijen vielen de schenkers niet zo op. Uiteindelijk lieten ze zich op hetzelfde formaat als de heiligen afbeelden.
Er hangen twee prachtige portretten van onbekenden door Jan van Scorel uit 1535. Ze staan op de buitenluiken van een drieluik. Als die luiken op zon- en feestdagen open werden gezet, zag men aan de binnenkant Bijbelse taferelen, op de andere dagen de schenkers. Het anonieme echtpaar uit de vroege 16e-eeuw is prachtig weergegeven.


Portretten van Opdrachtgevers, Jan van Scorel, 1535

Dit echtpaar is zelfbewust vroom en rijk. Dat blijkt onder meer uit de dikke bloedkoralen en gouden kralen van haar rozenkrans en de bizondere gouden reukbol. Het bidden van de rozenkrans is een dagelijkse godsdienstige routine.Zij gebruikte deze kostbare voorwerpen dagelijks.


Detail Portretten van Opdrachtgevers, Jan van Scorel, 1535

Het zijn echte portretten die met grote kennis en verfijning zijn geschilderd. Kijk even naar de schaduw van de sluier op haar wang.


Detail Portretten van Opdrachtgevers,rechter luik, Jan van Scorel, 1535

Jan van Scorel (1495-1562)  hoorde bij de top van Noord-Nederlandse schilders van zijn tijd. Na zijn Jeruzalem bedevaart had hij in Rome Rafaël opgevolgd als conservator van de kunstverzameling van het Vaticaan. Zo raakte hij op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen in de schilderkunst. Die kennis nam hij mee naar Utrecht. In de aparte zaal over Utrecht zien we de hoogwaardige katholieke kunst die in de 16de en 17de eeuw werd gemaakt.

Schisma
In de vroege 16de eeuw liep de maatschappij uit zijn voegen. De sociale onvrede richtte zich vooral tegen de katholieke kerk. De clerus van de katholieke kerk misdroeg zich; ze leefde in rijkdom en het celibaat werd vaak niet gepraktizeerd. Nog erger, men kon zijn zonden door aflaten afkopen: hoe meer er betaald werd hoe makkelijker men verzekerd was van die belangrijke plek in het hiernamaals. Luther was niet de eerste die het morele verval van de katholieke clerus en het luxueuze leven aan de kaak stelde, maar hij werd wel een van de belangrijke leermeesters. Uiteindelijk leidde zijn herinterpretatie van de bijbel, samen met andere critici als Calvijn en Hus, tot het grote schisma en ontstond de protestantse kerk.

In de lange zaal over het christendom in Nederland zien we hoe de tweespalt tussen katholieken en protestanten (en vele volgende afsplitsingen) zich ontwikkelde. Fijntjes wordt er op gewezen dat Nederland toentertijd niet erg tolerant was. Er werd regelrechte propaganda gemaakt, zoals in ’t Licht is op den kandelaer gestelt, waarin een bisschop, een jezuïet, de duivel, de paus en een monnik de kaars proberen uit te blazen die door helden van de reformatie zoals Luther, Calvijn en Hus brandend wordt gehouden.


’t Licht is op den kandelaer gestelt, anoniem, Noord-Nederland 2e helft 17e-eeuw

Oorspronkelijk was de kerk de belangrijkste opdrachtgever van de beeldende kunsten en de muziek. Later in de middeleeuwen kwam de adel er als opdrachtgever bij. Aan het begin van de renaissance, als de steden een politieke autonomie krijgen met rijke burgers die zich steeds zelfstandiger maakten, wilden die ook kunst in huis. Langzamerhand veranderden de onderwerpen; het landschap verdrong heel stilletjes het godsdienstige verhaal. Maria, Jozef en het kindeke Jezus vluchten nog steeds naar Egypte, maar vaak moeten we ze zoeken op het schilderij met een machtig landschap.
Ondanks de hekel van de protestanten aan het afbeelden van heiligen, waren er nog steeds veel en niet de minste kunstenaars die religieuze onderwerpen maakten. We kunnen de ontwikkeling volgen van de verandering  in de weergave van figuren en ruimte. Die worden minder houterig, minder ééndimensionaal. De kleding wordt eleganter, vol plooien en juwelen, de weergave van interieurs gecompliceerder en visueel realistischer.

Voor Rembrandt en rondom Rembrandt
Het Catharijneconvent laat een ander perspectief zien dan we gebruikelijk in Nederland tegenkomen. Er is een mooi klein contingent zestiende-eeuwse (Antwerpse) schilders zoals Joos van Cleve, Pieter Aertsen, diens neef Joachim Beuckelaer en diens zoon Pieter Pietersz, die later naar Amsterdam verhuisde.


Zaaloverzicht 2018: links Joachim Beuckelaer (1568), rechts Pieter Pietersz (ca 1575-1600) en in het midden Joos van Cleve, ca 1525

Maerten de Vos, ook uit Antwerpen, schildert een rijk gezelschap dat om Mozes met de tien geboden staat en hem (een deel van) hun rijkdom aanbiedt om ‘een tabernakel, een gewijde behuizing voor God, van te bouwen’, zoals het bijschrift zegt. Uitgebeeld zijn de vooraanstaande Antwerpse protestantse families Panhuys en Hooftman. Tegelijkertijd staan de katholieke Plantijn, de machtigstye uitgever uit die tijd, en Justus Lipsius, de katholieke filosoof, er ook op!  Hoe dat nu precies zit, wordt niet duidelijk.


Mozes met de Tien Geboden te midden van de Israëlieten, Maerten de Vos, 1574-1575

Hoewel de Vos, net als  Rubens, bij de grote schilders van de contrareformatie hoorde, was hij, net als Rubens’ vader, een tijdje Lutheraan. Dit geschuif tussen de godsdiensten kwam overigens wel vaker voor. In Utrecht bleven onder meer Abraham Bloemaert, Dirck van Baburen en Jan van Bijlert in de katholieke traditie.

Informatie en voorzieningen

Museum Catharijneconvent

Lange Nieuwstraat 38, 3512 PH Utrecht

W website museum Catharijneconvent
T 030 231 3835

di tm vrij: 10.00 tot 17.00 uur, Zat-, zon- en feestdagen van 11.00 tot 17.00 uur; actuele info op website

bereikbaarheid
uit CS bus 2 (Ringlijn Museumkwartier) vertrekt aan de kant van de Jaarbeurs.
parkeergarage Springweg in de Strosteeg + 10 min lopen, betaald parkeren in L. Nieuwstraat
collectie informatie
folder heel algemeen
zaalteksten goed informatief
presentatie collectie sommige dingen heel leuk
route informatie soms moeilijk
digitaal - app niet gevonden
vriendelijkheid
suppoosten vriendelijk
winkel = ook kassa vriendelijk
kinderactiviteiten
in het museum, nakijken op de website, met aandacht voor St. Maarten, St. Klaas en Kerst
eigen ruimte niet gezien wel aanwezig
museumwinkel
assortiment redelijk rondom eigen collectie
kunstboeken nadruk 17e eeuw en vroeger
kinder-kunstboeken niet opmerkelijk, wel leuke doe-boeken
grappige kleine cadeautjes
museumrestaurant
prijs/kwaliteit goed en hartelijke bediening
menu goede producten, vers, lokaal en paar verrassingen
wc
schoon
makkelijk te vinden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.