Arnhem
Gelderland
Museum Arnhem: kunst en activisme
Het museum Arnhem heropende in 2022 na een uitgebreide renovatie, De ramen van de elegante koepel, ooit de entree van een Heerensociëteit uit 1873 zijn weer opengemaakt, en er is een eenvoudig ogende maar spectaculaire uitbouw bijgekomen. Het is de ambitie van de gemeente en het museum om de collectie: ‘open, eigentijds en met telkens wisselende perspectieven op de dynamische samenleving’ te presenteren. Daarbij wordt vooral aansluiting gezocht bij actuele thema’s. ‘We kiezen in onze programmering dan ook voor onderwerpen die in de samenleving spelen. Hierbij treden we bewust buiten onze eigen referentiekaders.’
Oorspronkelijk was het zwaartepunt van de collectie figuratieve schilderkunst en speciaal het vooroorlogse ‘magische realisme’ (Ket, Koch, Hynckes, Schumacher en in mindere mate Willink), dat tegenwoordig vaak neo-realisme wordt genoemd. De grote verandering kwam in 1982 bij Liesbeth Brandt Corstius, die de eerste naoorlogse directeur Pierre Jansen opvolgde. Ze besloot om minimaal de helft van de aankopen en de tentoonstellingen werk van vrouwen te kiezen. Brandt Corstius was daarmee ruim veertig jaar geleden een pionier in de Nederlandse museumwereld. En eigenlijk is ze dat nog steeds. De huidige aandacht voor inclusieve hedendaagse kunst, dat wil zeggen vooral werk van vrouwelijke kunstenaars, past goed bij de geschiedenis van het museum. Helaas wordt hier niet op gewezen,
Bizondere nieuwbouw
De renovatie en uitbreiding van het museum werd gedaan door Van Benthem Crouwel Architects. De nieuwe vleugel is opzienbarend door de plaatsing van een 15 meter vrij hangende uitbouw over de eeuwenoude stuwwal waar het museum op is gebouwd. Om de uitbouw zo ver uit te laten steken, is een speciale techniek uit de bruggenbouw gebruikt. De lege constructie van ongeveer 750 ton, voor twee grote museumzalen en een gang, werd per 15 cm doorgeschoven. Het nieuwe deel lijkt van een grote eenvoud, maar door de prachtige betegeling die in het wisselende licht van kleur lijkt te veranderen, de mooie ramen en de secure verhoudingen is het een elegante vorm.

Het vrij hangende deel van de nieuwe uitbouw, Foto: Jannes Linders, dankzij Museum Arnhem.
De buitenmuur is bekleed met 82.000 (hand-) geglazuurde tegels, van 10 bij 10 cm, van de Koninklijke Tichelaar. Aan de kant van de beeldentuin bij de rivier is wit gekozen dat geleidelijk via zachtblauw naar grijs verloopt. Voor de straatkant zijn lichte, donkere grijzen, met wat bruin en crème tinten gebruikt: de kleuren van de Veluwe, het achterland van Arnhem. Zie foto bovenaan.

De nieuwe museumzalen vanuit de beeldentuin, eigen foto.
Vanuit die uitbouw kun je de beeldentuin en de Nederrijn zien. Tussen het oude gebouw en de nieuwe vleugel zijn glazen overgangen, gleuven waardoor de buitenwereld , of een stukje hemel naar binnen piept. Slechts de laatste zaal heeft daglicht, de andere bovenzalen hebben alleen kunstlicht. De kunstlichtzaal is een museale uitvinding van zo’n 60 jaar geleden: ‘the white cube’. Het museum maakte zich toentertijd juist los van de maatschappij. Het werd een locatie waar kunstwerken volledig zelfstandig werden getoond; autonoom. In Arnhem barst het engagement met de huidige tijd uit de zalen, daar wordt juist de maatschappij juist in die witte zalen naar binnengehaald.

Let op: de ramen zijn natuurlijk recht, maar doordat ik in een panorama foto het brede uitzicht probeer te laten zien, komt er links een bolling in het beeld.
Beeldentuin
De beeldentuin is vrij toegankelijk. Er staan oude bekende werken zoals het in 1993, voor de kunstmanifestatie Sonsbeek 93 gemaakte 12,5% Proof van Marc Quinn: een beslagen douchecabine waarin je met wat het geduld een rode naakte man met stijve penis kunt zien. Er spuit uit al zijn lichaamsopeningen een rode vloeistof. Ik vind het wel grappig dat dit beeld is blijven staan, omdat het museum voor een strenge inclusieve, mensvriendelijke aanpak kiest. Een naakte spuitende man lijkt me in dit verband nog net zo controversieel als in 1993.
Er tegenover staat het klassiek moderne beeld Warrior with shield van Henry Moore, uit 1953/4. In tegenstelling tot het latere werk is dit weliswaar geabstraheerd, maar nog altijd figuratief. Het past in deze tuin waar hard is gevochten tijdens de Operatie Market Garden, beter bekend als De Slag om Arnhem, in september 1944.

Warrior with shield, Henry Moore, 1953/4.
Iets verderop ligt een van de altijd vrolijk makende glazen beelden van de Arnhemse beeldhouwer Maria Roosen: een 5 meter lange Borstentros, uit 2010. Haar ontwerp is door glasblazers uitgevoerd.

Borstentros, Maria Roosen, 2010.
Maar het leukste beeld vind ik al weer een spuitende man: Autoritratto (Zelfportret) van Alighiero e Boetti uit 1993. Boetti was een veelzijdig Italiaans kunstenaar die weliswaar een tijdje bij Arte Povera hoorde (kunst met eenvoudige materialen uit het dagelijks leven), maar uiteindelijk zijn eigen weg ging.

Detail, Autoritratto, Alighiero e Boetti, 1993.
Volgens het museum symboliseert de waterstraal die iedere minuut het beeld natspuit, de gedachten die uit zijn hoofd opborrelen. Diepzinnig, maar misschien is het gewoon een grapje, humor was Alighiero e Boetti niet vreemd. (Tenminste als het beeld werkt. Bij een bezoek in het voorjaar van 2025 stond hij er toch wat treurig bij met zo’n slang waar geen water uitkomt.)
Inclusieve kunst
Binnen heerst verwarring door het nieuwe maatschappelijke engagement over wat kunst- en design is. In Arnhem moet kunst vooral dienend zijn, als in dienst staan van. Autonome kunst met een eigen traditie wordt niet gewaardeerd. De directeur van Museum Arnhem, Saskia Bak, legt uit: ‘wat we vooral belangrijk vinden is dat onze collecties een brug slaan tussen de kunsten en de werelden om ons heen.’ Vervolgens wordt kunst verbonden met de ondergeschikte positie van de vrouw en de gekleurde medemens. Inclusief is het codewoord.
Om dit verband tussen kunst en inclusiviteit aan te tonen, is erg veel tekst nodig. Die tekst staat in de bijschriften en borden in de zalen met titels als “Kom zoals je bent”. “Deze zaal is een ode aan de diversiteit en de vrijheid om jezelf te kunnen zijn. Ontmoet de vele verschillende gezichten uit onze collectie … Laat je inspireren door outfits waarin punk dress en kaftans gemixt zijn. Wie ben jij? Wat is jouw verhaal?” Waarmee het kunstmuseum een grote stap richting Wereldmuseum maakt, het oude Volkenkunde museum.
De vraag is, klopt die informatie altijd? Zo wordt bij een foto van een Afrikaans model uitgelegd dat de fotografe, Angele Etoundi Essamba, haar modellen laat poseren zoals de rijke heren op schilderijen van de Hollandse meesters in de 17de eeuw. De extravagante hoofddeksels zijn ‘geϊnspireerd op de kleding van toen’ waardoor ze met dit werk herinnert ‘aan het koloniale en slavernijverleden’.

Renaissance florale, Angele Etoundi Essamba, 2019
Bij ‘De Gulag Archipelogo’, een schilderij van een spade als schep, of als een schoppen uit het kaartspel, van de Zuid-Afrikaanse kunstenaar Mawande Ka Zenzile, staat dat Mawande nooit precies uitleg geeft over wat zijn werk betekent. Doordat hij aarde en koemest gebruikt, zou hij verwijzen “naar zijn geboortegrond in Zuid Afrika.” (Maar het gebruik van aarde, poep, zand steentjes en andere vreemd materiaal is ook een gerespecteerde stroming in westerse kunst waarbij werd geprobeerd kunstwerken ‘aardser‘ te maken.) De duiding die wordt gegeven, heeft mogelijk niet veel te maken met de opvatting van de kunstenaar, maar past nu wel in het Arnhemse idee over activisme in de kunst. Mag je als museum wel zo ver gaan er wel een eigen inhoudelijke uitleg te geven, kun je de inhoud naar eigen dunken veranderen? Zo staat er: ‘Onrecht en onderdrukking lijken de rode draad in dit schilderij’ (omdat vroeger ‘spade’ wel gebruikt werd als verwijzing naar de zwarte bevolking).

The Gulag Archipelogo, Mawande Ka Zenzile, 2017
Transhistorisch
In deze manier van werken zijn duiding en interpretatie van de kunstwerken niet aan tijd en plaats gebonden. Dit is een trend in museumland, waarvoor vaak het woord transhistorisch wordt gebruikt. Oorspronkelijk werd daarmee een samenbrengen (confrontatie) van oude en hedendaagse kunstwerken bedoeld waardoor een beter begrip zou ontstaan. Vaak was niet duidelijk welk beter begrip, van de oude kunst, of juist de hedendaagse kunst? Je moet van goeden huize komen om dit zinnig en succesvol te doen. Het museum kiest voor de waan van de dag en zoekt kunst en kunstenaars die hierbij passen, niet noodzakelijk de beste kunst.
Er zijn altijd reacties op de dominante kunststroming geweest. De uiterst koele kunst in de white cube musea werd gevolgd door activistische kunst uit de jaren 70 van bodypainting tot performances en van sociale aanklachten tot maatschappelijke utopieën. Die kunstenaars verhielden zich zowel tot de buitenwereld, de maatschappij, als ook en vooral tot de kunstwereld. Nu besluiten conservatoren of, en hoe een kunstwerk past in het huidige tijdsbeeld en kiezen zij voor zwaartepunten als een fluïde man/vrouw beeld, biodynamische veeteelt en zetten de schijnwerper op Afrikaanse kunst.

Van links naar rechts, The Gulag Archipelogo, Mawande, LifeDress, Esther, Alicia Framis en twee portretten door Carel Willink
Oude helden
Doordat het museum vooral de tijdelijke tentoonstelling belangrijk vindt, heeft de eigen collectie geen eigen plek meer in Museum Arnhem. Alles wordt beweegt. Maar, zo wordt verzekerd, ‘publiekslievelingen’ zullen altijd worden gebruikt. Ze zullen steeds in een andere context te zien zijn, ze worden in het nieuwe kader meegenomen.
De collectie beeldende kunst van het museum heeft/had twee zwaartepunten. Ten eerste het realisme (magisch realisme / neo-realisme) uit het Interbellum, de tijd tussen de twee wereldoorlogen. Het andere blok is kunst uit de laatste 30 jaar van de vorige eeuw die door vrouwen is gemaakt. Zoals gezegd had Liesbeth Brandt Corstius gedurende bijna 20 jaar tussen 1982 en 2000 een stevig voorkeursbeleid voor vrouwelijke kunstenaars. Haar insteek was: die vrouwen zijn er, ze maken goede kunst en die kwaliteit moet je laten zien. Ze kocht niet alleen Charley Toorop en Marguerite Hynckes-Zahn, maar ook werk van Marlene Dumas, Rebecca Horn, Lydia Schouten en anderen. Kunst die niet eens zoveel later tot grote hoogte in de internationale kunstwereld steeg.

The guilt of the privileged, Marlene Dumas, 1988.
Links, rechts en racisme
In de nieuwe opstelling is de definitie neo-realisme behoorlijk opgerekt tot alle realistische kunst sinds 1910, en vooral de kunst van die eeuw, waardoor het begrip eerder een vergaarbak is dan een specifieke kunststroming. Daardoor zijn met wat geluk de pronkstukken uit de verzameling nog weleens tijdelijk te zien: de schilderijen van Pyke Koch, Raoul Hynckes, Jan Mankes, Dick Ket en Carel Willink. De eerste twee werden na de oorlog met de nek aangekeken vanwege al dan niet vermeende nazi sympathieën. Bij de andere drie kunstenaars is hier geen sprake van. Misschien werden ze in de collectie daarom samen gebracht met ‘activistische links’ georiënteerde kunstenaars zoals Charley Toorop, Chris Lebeau, Harmen Meurs en diens echtgenote Berthe Edersheim, Johan van Hell en Anneke van der Feer. Hoewel links, vormden ze geen groep. Nu worden hun schilderijen “geactualiseerd” door ze in de context van de huidige opvattingen over racisme, kolonialisme en uitsluiting te plaatsen.

Links, Liggend Naakt en rechts Twee Vrouwen, Berthe en Leny Edersheim, Charley Toorop, 1932 en 1933
Kunstmuseum?
Het museum vindt dat kunst en maatschappelijke betrokkenheid nauw verboden zijn, of horen te zijn. Hiermee lijkt de autonome kunst niet meer in de zalen te bestaan. Laat je niet foppen: de zelfstandigheid van het kunstwerk en de kunstenaar heeft een lange geschiedenis die aan het einde van de 18e eeuw begint. Die ontwikkeling leidde het midden van de 19e eeuw tot verschillende artistieke visies waarin ook de musea steeds belangrijker worden. Er ontstonden nieuwe stromingen en groepen die zich onderling afzetten en zich, steeds weer, in het licht van de moderne tijd tot de beste uitriepen.

Op de voorgrond de installatie Freud – White Sacrifice, Douglas Camp, 1998; aan de muur Friends & Enemies, Monika Dahlberg, 2022
Ook toen werd regelmatig de vraag gesteld naar de maatschappelijke betekenis van beeldende kunst. Er zijn altijd kunstenaars die de maatschappij aanklaagden, wilden veranderen, of verbeteren. Het is interessant als een museum die kunstenaars een centrale plaats geeft, maar door de resolute inclusieve opstelling van Museum Arnhem vernauwt de blik op de eigen collectie wel heel erg.
De muurteksten vertellen dat de collectie een schatkamer vol verhalen is over de mens en de samenleving ‘verbeeld vanuit verschillende perspectieven’ en dat de collectie een ‘ontmoeting’ is van en met mensen die verschillend zijn, maar bij elkaar willen horen. Daarom wordt werk getoond van kunstenaars dat te maken heeft met ‘klimaatverandering, politiek geweld en maatschappelijk onrecht’. Sja, zo blijven in dit museum, niet erg veel ‘verschillende perspectieven’ over.
Kleren van de keizer
Dit zijn de kunsthistorische kleren van de keizer Plompverloren benoemd Saskia Bak de Arnhemmer plompverloren tot ‘eigenaar van de kunstwerken’. Dat is Wereldbank en NGO jargon van 30 jaar geleden. Een kunstwerk is meer dan een drager van politieke en maatschappelijke overtuigingen, daardoor komt het boven het modieuze en middelmatige uit en past het als kunstwerk in een museumcollectie. Het engagement van Brandt Corstius lag bij de kwaliteit van de kunstwerken die ze aankocht, daar werden de vrouwelijke kunstenaars op beoordeeld: niet op hun politieke correctheid.
In de opstelling van een eigen collectie kunnen verbanden worden getoond, kruisbestuivingen, onderlinge invloeden, rivaliteit en tegenstellingen. Een kunstwerk is geen multi-interpreteerbaar object dat je maar voor alles kunt gebruiken. Geef het de plaats in zijn geschiedenis en misschien ook in de geschiedenis van het museum, die het toekomt. Wellicht is het voor de moderne mens een extra stimulans te weten dat we vroeger ongevoelig waren voor racisme, of queer-ecologie. Maar begin bij het begin: leren begrijpen waar een kunstwerk over gaat. Grote kans dat zo verbinding ontstaat, een emotie, ook als dat minder woke is.
PS
Wie vooruit denkt, bestelt bij de plaatselijke boekhandel reeds voor feestdagen en verjaardagen voor de leukste familieleden, de beste vrienden en de aardigste buren ons nieuwste boek: M.C. Escher Anders Bekeken, Uitgever Spectrum, 256 p 200 illustraties; €32,99. Zie onder Onregelmatig Nieuws voor meer informatie.
Onze Gids naar Nederlandse musea, Op weg naar de kunst blijft ook nog steeds een goed cadeau en altijd actueel door de QR codes die het boek met onze website en de website van het museum verbindt!
Auteurs: Micky Piller en Kristoffel Lieten; Uitgever: Waanders in de Kunst.
( Museum Arnhem staat er niet in, want dat heropende pas na de publicatie van ons boek. )
#Kunst, #Kunstwerk #Dagjeuit #museumonline #museumathome #Eropuit #dagjeweg #Museumbezoek #Cultuuruitje #Kunstliefhebber #Tentoonstelling #opwegnaardekunst.nl #ownk #musea
#eigencollectie #expositie #kunstgeschiedenis #beeldendekunst #museum #art #tentoonstelling #museumbezoek #kunstkritiek #openbaarkunstbezit #vlogpost #blogpost #gids #kunstgids
| Informatie en voorzieningen | |
|---|---|
Museum Arnhem | |
| bereikbaarheid | |
| Lopend kleine 10 minuten van CS Arnhem | |
| Betaald parkeren Willemstunnel 1, 6811 KZ Arnhem, voor het museum alleen afzetten! | |
| collectie informatie | |
| folder vooral digitaal in museum en op website | |
| zaalteksten niet kunsthistorisch, maar aangepast aan LGBTQIAP actualiteit | |
| presentatie overvol | |
| route helder | |
| digitaal -via QR codes bij een aantal kunstwerken | |
| vriendelijkheid | |
| suppoosten | |
| kinderactiviteiten | |
| zie website museum onder kinderen | |
| museumwinkel | |
| mooi breed assortiment, veel design | |
| museumrestaurant | |
| vegetarisch en veganistisch, prima in orde | |
| menu uitgebreid | |
| wc | |
| schoon | |
| makkelijk te vinden | |
Geef een reactie